In een wereld waar de arbeidsmarkt steeds internationaler wordt, is het niet ongebruikelijk om werknemers uit verschillende landen op de werkvloer te zien. Dit geldt ook voor de grote groep Oost-Europese migranten, waaronder veel Polen, die in Nederland werken. Hoewel zij vaak hard werken en een belangrijke bijdrage leveren aan diverse sectoren, kunnen taalbarrières en cultuurverschillen een aanzienlijke invloed hebben op hun werkprestaties, waaronder verzuim.
Taal als Barrière voor Effectieve Communicatie
Voor veel Oost-Europese werknemers is Nederlands vaak niet de moedertaal. Dit kan hen op verschillende manieren belemmeren in hun dagelijks werk. Het misverstaan van instructies, het onduidelijk communiceren van klachten of zorgen, en zelfs het ontbreken van vertrouwen in het spreken van een andere taal kunnen leiden tot stress en ongemak. Werknemers kunnen zich in een situatie bevinden waar ze niet goed begrijpen wat er van hen wordt verwacht, of ze voelen zich niet op hun gemak om hun behoeften of problemen kenbaar te maken.
Als er een gebrek is aan duidelijke communicatie, kunnen er misverstanden ontstaan, wat niet alleen de productiviteit verlaagt, maar ook kan leiden tot emotionele belasting. Werknemers kunnen zich onzeker of geïsoleerd voelen, wat hun mentale en fysieke gezondheid beïnvloedt, wat op zijn beurt kan bijdragen aan hogere verzuimcijfers.
Culturele Verschillen in Werkethiek en Verzuimgedrag
Naast taal speelt cultuur ook een belangrijke rol in hoe verzuim wordt ervaren en gemeld. Oost-Europese werknemers, zoals veel Poolse werknemers, hebben vaak een andere benadering van werk en ziekte dan hun Nederlandse collega’s. In veel Oost-Europese landen heerst een sterkere werkethiek, waarbij het als een teken van zwakte wordt gezien om zich ziek te melden. Dit kan leiden tot een situatie waarin werknemers hun klachten of gezondheidsproblemen niet tijdig melden, wat verzuim kan verergeren.
Daarnaast kan de manier waarop ziekteverzuim wordt opgevolgd, ook het verschil maken. In Nederland zijn de regels en verwachtingen rondom ziekteverzuim anders dan in veel andere Oost-Europese landen, waaronder Polen. Dit kan leiden tot verwarring en frustratie bij Poolse werknemers, omdat zij een andere culturele kijk op ziekte en herstel hebben. In Polen is de mentaliteit “ziek = ziek” diepgeworteld en wordt het vaak als vanzelfsprekend beschouwd dat iemand die ziek is, zich volledig op herstel richt. Werknemers hebben daar doorgaans geen verplichtingen richting hun werkgever tijdens hun verzuim, behalve het doorgeven dat ze ziek zijn. In Nederland ligt dit anders. Hier wordt van werknemers verwacht dat zij, ondanks hun ziekmelding, actief blijven communiceren met hun werkgever en de bedrijfsarts. Daarnaast zijn er regels en verplichtingen die gericht zijn op re-integratie, zoals het bijwonen van afspraken, het opstellen van een plan van aanpak en het actief zoeken naar mogelijkheden om (gedeeltelijk) weer aan het werk te gaan. Voor Poolse werknemers voelt dit vaak tegenstrijdig met hun opvattingen over ziek zijn en herstel. Ze begrijpen niet altijd waarom zij deze verplichtingen hebben en ervaren dit soms als een gebrek aan begrip voor hun situatie.
Sociale Isolatie en Mentale Gezondheid
Oost-Europese werknemers bevinden zich vaak in een sociaal geïsoleerde situatie, vooral wanneer ze voor het eerst naar Nederland komen. Het missen van een ondersteunend sociaal netwerk kan leiden tot een verhoogd gevoel van stress en angst, wat verzuim verder kan aansteken. Echter, veel Poolse werknemers vormen onderling netwerken, vaak met andere Poolse migranten. Hoewel deze netwerken hen helpen om zich ‘’aan te passen’’ en zich minder eenzaam te voelen, kunnen ze tegelijkertijd bijdragen aan een gevoel van onbegrip over verzuim en re-integratie. Poolse werknemers hebben vaak veel contact met elkaar over verzuim en re-integratie, wat soms leidt tot het verspreiden van misinformatie. Er gaan fabels rond, zoals het idee dat een werkgever je aanmeldt voor het Spoor 2 traject omdat hij van je af wil of dat als je meewerkt aan re-integratie, je werkgever achter je rug iets verzint om je disciplinair te ontslaan. Deze onjuiste overtuigingen kunnen het vertrouwen in het verzuim- en re-integratieproces ernstig ondermijnen. Omdat deze werknemers vaak voornamelijk met andere Polen communiceren en weinig contact hebben met Nederlandssprekende mensen, blijven dergelijke fabels bestaan, wat de drempel voor het meewerken aan re-integratie verhoogt.
Het Belang van Aandacht en Begeleiding
Om verzuim onder Oost-Europese werknemers, vooral de Poolse, effectief aan te pakken, is het belangrijk dat werkgevers zich bewust zijn van de rol die taal en cultuur spelen in hun welzijn. Het bieden van taalcursussen, cultuurtrainingen en toegankelijke communicatiekanalen kan de integratie verbeteren en misverstanden verminderen. Daarnaast is het essentieel om een omgeving te creëren waarin werknemers zich veilig voelen om hun zorgen te uiten, zonder angst voor stigmatisering of misverstanden.
Ook het aanpassen van verzuimprocedures om rekening te houden met culturele verschillen kan helpen. Het duidelijk uitleggen van het verzuimbeleid, het geven van regelmatige feedback en het aanbieden van een luisterend oor kan voorkomen dat werknemers in stilte lijden, wat leidt tot langere en ernstigere uitval.
Conclusie
Taalbarrières en cultuurverschillen zijn niet slechts obstakels op de werkvloer, ze kunnen ook verzuim onder Oost-Europese werknemers aanzienlijk verergeren. Door meer begrip en steun te bieden, kunnen werkgevers bijdragen aan een gezondere werkomgeving en tegelijkertijd de verzuimcijfers verlagen. Het is tijd om deze barrières te doorbreken en een inclusieve werkplek te creëren waar iedereen, ongeacht achtergrond, zich gewaardeerd en ondersteund voelt.